Taal op niveau met e-coaching menu

Braint Taalgids

Spelling, werkwoordspelling, grammatica, stijl, leestekens en zakelijk schrijven

Persoonsvorm

Wat is de persoonsvorm?

De persoonsvorm in de zin is het werkwoord waaraan je kunt zien in welke tijd de zin staat. Ook zie je aan de persoonsvorm of een zin in het enkelvoud of in het meervoud staat. Dit werkwoord is verbonden met het onderwerp van de zin. Als je een zin wilt ontleden, moet je eerst weten wat de persoonsvorm is. Dan bepaal je het onderwerp, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp en de bepalingen.

Hoe vind je de persoonsvorm?

Er zijn 3 manieren om de persoonsvorm in een zin te vinden.

  1. Maak de zin vragend.
  2. Zet de zin in een andere tijd.
  3. Zet de zin in het meervoud als deze in het enkelvoud staat en andersom.
  1. Als je de zin vragend maakt, is de persoonsvorm het werkwoord dat op de eerste plaats komt.
    • Pieter eet een appel.
    • Eet Pieter een appel?
  2. Als je de zin in een andere tijd zet, verandert de persoonsvorm.
    • Pieter eet een appel.
    • Pieter at een appel.
  3. Als het onderwerp in het enkelvoud staat, staat de persoonsvorm dat ook. Als het onderwerp in het meervoud staat, staat de persoonsvorm dat ook.
    • Pieter eet een appel.
    • Marieke en Pieter eten een appel.

Samengestelde zinnen

In een samengestelde zin staat meer dan 1 persoonsvorm. Een samengestelde zin kan bestaan uit twee hoofdzinnen of uit een hoofdzin en een bijzin. In een bijzin staat de persoonsvorm vaak achteraan. Hieronder vind je een paar voorbeelden van de persoonsvorm in samengestelde zinnen.

  • Ik kom morgen, maar mijn collega is helaas verhinderd.
  • Ze ontmoette gisteravond iemand die gaat verhuizen naar IJsland.
  • Het kamerlid vindt dat de minister zijn vragen onvoldoende beantwoordt.

Als je wilt bepalen wat in elke zin de persoonsvorm is, haal je het voegwoord weg. Je maakt er dan twee aparte zinnen van:

  • Het kamerlid vindt.
  • De minister beantwoordt zijn vragen onvoldoende.

In welke zin is het onderstreepte woord geen persoonsvorm?

  1. Morgen zal Peter de eerste prijs ontvangen.
  2. Ze leven nog lang en gelukkig.
  3. Wachten vind ik ontzettend irritant.
Klik hier voor het antwoord en uitleg.