Taal op niveau met e-coaching menu

Braint Taalgids

Het onderwerp

Wat is het onderwerp van de zin?

Het onderwerp van de zin is de persoon of de zaak die actie onderneemt of een handeling verricht. Kijk bijvoorbeeld naar deze zin: Mijn buurman werkt in de tuin. Hier is mijn buurman het onderwerp. Een onderwerp kan bestaan uit een of meer woorden. Het onderwerp en de persoonsvorm zijn nauw met elkaar verbonden: ze horen bij elkaar.

Hoe vind je het onderwerp?

Er zijn 3 manieren om het onderwerp te vinden.

  1. Als je wie of wat voor de persoonsvorm zet, is het antwoord op de vraag het onderwerp.
  2. Als je de persoonsvorm van enkelvoud naar meervoud verandert, verandert het onderwerp ook.
  3. Als je de zin vragend maakt met de persoonsvorm vooraan, komt het onderwerp meteen achter de persoonsvorm.

Voorbeelden onderwerp

Hierboven zie je hoe je het onderwerp kunt vinden. Hieronder vind je van elke manier een voorbeeld. Het onderwerp is roze. De persoonsvorm is onderstreept.

  1. Pieter eet een appel. - Wie eet een appel? - Antwoord: Pieter
  2. Het meisje eet een appel. - De meisjes eten een appel.
  3. De vrolijke kinderen eten een appel. - Eten de vrolijke kinderen een appel?

Onderwerp en gezegde

Als je een zin gaat ontleden, zoek je eerst het onderwerp en de persoonsvorm. De persoonsvorm is een werkwoord. Als de persoonsvorm het enige werkwoord in de zin is, is dit ook het gezegde. Maar soms staat er nog een werkwoord in de zin. Dit vormt dan samen met de persoonsvorm het gezegde. Kijk bijvoorbeeld naar deze zin:

- Pieter heeft een appel gegeten.

In deze zin is Pieter het onderwerp en heeft is de persoonsvorm. Er is nog een werkwoord in deze zin: gegeten. Het gezegde is heeft gegeten. Hoe vind je het gezegde?