Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Stijl inleiding

Je vindt hier de basisregels op het niveau van de enkelvoudige zin. De gebruikelijke woordvolgorde in een zin is: onderwerp + persoonsvorm + rest van de zin. Dit hoeft echter niet altijd. In woordvolgorde lees je hier meer over.

Ook vind je hier informatie over het gebruik van voornaamwoorden. Met een voornaamwoord kun je verwijzen naar een zelfstandig naamwoord. Met een persoonlijk voornaamwoord verwijs je meestal naar een persoon (ik, hij, jou). Een bezittelijk voornaamwoord gebruik je om een bezit aan te geven (jouw laptop, zijn jas). Met een aanwijzend voornaamwoord verwijs je naar iets of iemand (dit landschap, die fiets).

Verder zie je hier welk betrekkelijk voornaamwoord je gebruikt bij een verwijzing naar een het-woord of een de-woord in de zin daarvoor. Ook kun je met een betrekkelijk voornaamwoord verwijzen naar een hele zin. Met een voegwoord verbind je twee zinnen en geef je het verband aan tussen die zinnen. Dit kunnen twee hoofdzinnen zijn of een hoofdzin en een bijzin. Tot slot vind je hier informatie over het gebruik van voorzetsels.

Bezoekers aan deze pagina bekeken ook:
Het vraagteken
Woordvolgorde

Vraag van de Week | Week 33

De spellingcontrole helpt me meestal wel (maar niet altijd). Worstel jij hier ook wel eens mee?

Naar de Taalvraag