Braint Taalgids menu

Puntkomma

Een puntkomma gebruik je om twee zinnen te verbinden die nauw met elkaar samenhangen. Je kunt ook een punt achter de zinnen zetten. Maar als je het verband tussen die twee zinnen wilt laten zien, doe je dit met een puntkomma. Vaak kun je dit leesteken vervangen door de voegwoorden en, maar en of. Je kunt de puntkomma ook gebruiken in een opsomming.

Voorbeelden puntkomma

  • Op 12 maart jl. zijn ze getrouwd; ze gaan nu pas op huwelijksreis.
  • Er zouden volgens de teamleider wel 20 collega’s komen; achteraf blijken er maar vijf geweest te zijn.

In plaats van de puntkomma kun je hier ook het voegwoord maar gebruiken.

  • Op 12 maart jl. zijn ze getrouwd, maar ze gaan nu pas op huwelijksreis.
  • Er zouden volgens de teamleider wel 20 collega’s komen, maar achteraf blijken er maar vijf geweest te zijn.

Puntkomma in een opsomming

Je kunt een opsomming maken waarvan de onderdelen uit delen van zinnen bestaat. Deze onderdelen begin je met een kleine letter en sluit je af met een puntkomma. Het laatste deel sluit je af met een punt. Hieronder zie je een voorbeeld.

De taken van de medewerkster zijn:

  • het beheren en bewaken van de agenda;
  • het zelfstandig voeren van de correspondentie;
  • het administratief en organisatorisch voorbereiden van vergaderingen.