Taal op niveau met e-coaching menu

Braint Taalgids

Spelling, werkwoordspelling, grammatica, stijl, leestekens en zakelijk schrijven

Punt (leestekens)

Wanneer gebruik je een punt?

Een punt gebruik je als je het einde van een zin aangeeft. Ook gebruik je dit leesteken in afkortingen, getallen en tijdsaanduidingen. Hieronder zie je alle mogelijkheden met voorbeelden.

Einde van een zin

Als je het einde van een zin aangeeft.

  • Ik ben gisteren naar die tentoonstelling geweest.

Na afkortingen

Je gebruikt een punt na afkortingen, behalve als de zin eindigt met een afkorting. De punt achter de afkorting is dan ook de punt achter de zin:

  • jl. (jongstleden)
  • Ik heb dat gelezen in de krant van 8 maart jl.

In getallen

In grote getallen gebruik je een punt om duizendtallen aan te geven.

  • 10.000
  • 2.446.808

In tijdsaanduidingen

Als je een Nederlandse e-mail, brief of andere tekst schrijft, plaats je tussen de uren en de minuten een punt.

  • 9.30 uur
  • 13.00 uur