Taal op niveau met e-coaching menu

Braint Taalgids

Spelling, werkwoordspelling, grammatica, stijl, leestekens en zakelijk schrijven

Afkortingen

Wanneer gebruik je een punt in en na een afkorting?

Een punt gebruik je als je het einde van een zin aangeeft. Ook gebruik je een punt na afkortingen. Niet in elke afkorting plaats je een punt. In afkortingen die je letter voor letter uitspreekt, plaats je geen punten. Ook in letterwoorden (veelgebruikte afkortingen) plaats je geen punten.

Afkorting regels

Hieronder vind je een paar regels over het wel of niet plaatsen van een punt in en achter afkortingen.

  1. Kort je een woord af, dan plaats je een punt achter de afkorting.
    • jongstleden wordt jl.
    • enzovoort wordt enz.
    • namelijk wordt nl.
  2. Verwijst de afkorting naar meer dan één woord (= woordgroep), dan plaats je achter elke letter van de afkorting een punt.
    • onder andere wordt o.a.
    • met andere woorden wordt m.a.w.
    • ter gelegenheid van wordt t.g.v.
  3. Uitzondering: aanstaande wordt a.s. en alstublieft wordt a.u.b.

  4. In letterwoorden staan meestal geen punten. Letterwoorden zijn veel gebruikte afkortingen, waarvan we bijna niet meer weten waar de afkorting voor staat.
    • KLM, ANWB, NS, VPRO
  5. Als het om eigennamen gaat, schrijf je hoofdletters. Andere letterwoorden schrijf je met kleine letters. Bijvoorbeeld:

    • vwo, vmbo, btw, cv

Leestekens oefenen

Wil je het gebruik van leestekens oefenen? De zelfstudiecursus Spelling en Grammatica bestaat uit 5800 oefenzinnen spelling, grammatica, leestekens en stijl. Je krijgt er een gratis E-book bij waarin de regels nog eens op een rijtje worden gezet.