Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Hun of hen

Je gebruikt hun in de volgende gevallen:

Als bezittelijk voornaamwoord, bijvoorbeeld:

  • Ze hebben hun boeken niet op tijd ingeleverd.

Als meewerkend voorwerp zonder voorzetsel, bijvoorbeeld:

  • De broer van zijn vader heeft hun een nieuwe fiets gegeven.

Je gebruikt hen in de volgende gevallen:

Als er sprake is van een lijdend voorwerp, bijvoorbeeld:

  • Ik ken hen goed.

Na een voorzetsel, bijvoorbeeld:

  • Piet ging met hen naar de film.

Bezoekers aan deze pagina bekeken ook:
Meewerkend voorwerp

Vraag van de Week | Week 46

Die, dat en wat gebruik ik vaak op gevoel. Herken jij dit?

Naar de Taalvraag