Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Verhaspeling

Bij een verhaspeling worden woorden die op elkaar lijken, maar die een verschillende betekenis hebben, met elkaar verwisseld. Voorbeelden van een verhaspeling zijn:

met behulp van, met hulp van

  • Met behulp van mijn broer kon ik de grote conifeer omzagen.
  • Met hulp van de kettingzaag kon ik de grote conifeer omzagen.

Met behulp van gaat over zaken of dingen. Met hulp van gaat over personen. Hieronder zie je de goede zinnen:

  • Met hulp van mijn broer kon ik de grote conifeer omzagen.
  • Met behulp van de kettingzaag kon ik de grote conifeer omzagen.

schijnbaar, blijkbaar

  • Je hebt gelijk; ik heb me schijnbaar vergist.
  • Hij had het blijkbaar goed voor elkaar, maar de feiten wezen anders uit.

Schijnbaar betekent 'niet echt'. Blijkbaar betekent 'duidelijk', 'geen twijfel overlatend'. Hieronder zie je de goede zinnen:

  • Je hebt gelijk; ik heb me blijkbaar vergist.
  • Hij had het schijnbaar goed voor elkaar, maar de feiten wezen anders uit.

Andere voorbeelden van verhaspelingen zijn:

  • De operazangeres kreeg een staande ovulatie. (= ovatie)
  • Ik wil vandaag wel als voorzitter functioneren. (= fungeren)
  • Onze belangen komen door deze rare fratsen ernstig in het geding. (= gedrang)
  • De regering had een geheim plan geraamd. (= beraamd)
  • Ons bedrijf is met een Amerikaans bedrijf gefusilleerd. (= gefuseerd)

Bezoekers aan deze pagina bekeken ook:
Verkeerde woordkeus
Contaminatie

Vraag van de Week | Week 46

Ik vind die leestekens een gedoe. Je zet een punt achter een zin en als je in de zin een pauze hoort, is het tijd voor een komma, toch? Welke leestekens gebruik jij?

Naar de taalvraag