Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Относительное местоимение

Относительное местоимение соединяет два предложения и указывает\относится к ранее названному предмету\лицу.

Die указывает на de-слово

  • De trein die net vertrokken is, gaat naar Amsterdam.

Dat указывает на het-слово

  • Het boek dat daar ligt, heb ik uitgelezen.

Используйте wat после следующих слов:

  • alles, iets, weinig, niets, veel etc.
  • Dat is alles wat ik weet.

Wat также указывает на предыдущее предложение:

  • Hij heeft mij niet gebeld, wat ik helemaal niet leuk vind.

Используйте wat после превосходной степени прилагательного:

  • Dit is het leukste wat ik gezien heb.

Waar указывает на предмет, употребляется вместе с предлогом.

  • De kast waar ik mijn boek in leg is bijna vol.

Wie указывает на лицо, употребляется вместе с предлогом.

  • De man met wie ik praat is mijn buurman.

Vraag van de Week | Week 46

Ik vind die leestekens een gedoe. Je zet een punt achter een zin en als je in de zin een pauze hoort, is het tijd voor een komma, toch? Welke leestekens gebruik jij?

Naar de taalvraag