Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Порядок слов в предложении 2

Порядок слов в предложении зависит от различных союзов. Иногда простые предложения в составе сложного предложения меняются местами.

  • Hij leest een boek en zijn broer kijkt televisie.
  • Zijn broer kijkt televisie en hij leest een boek.

Иногда подлежащее и личная форма глагола меняются местами при изменении порядка простых предложений.

  • Ze gaat naar het feest hoewel ze niet uitgenodigd is.
  • Hoewel ze niet uitgenodigd is, gaat ze naar het feest.

Иногда изменение порядка предложений невозможно:

  • Hij werkt in de tuin, want het is lente.

Во второстепенном предложении личная форма глагола располагается в конце. Вспомогательный глагол располагается перед причастием или инфинитивом.

  • Hij zegt dat hij zijn buurman goed kent.
  • Hij zegt dat hij zijn buurman goed heeft gekend.
  • Hij zegt dat hij goed kan voetballen.

Вспомогательный глагол hebben, zijn и worden возможно располагать также и после причастия.

  • Hij zegt dat hij zijn buurman goed gekend heeft.

Correct Nederlands

online cursus

Meer weten

Zakelijk Nederlands

online cursus

Meer weten

English Spelling & Grammar

online cursus

Meer weten

Zakelijk Engels

online cursus

Meer weten