Taal op niveau door e-learning en coaching menu
Braint Taalgids   Braint Taalgids

Personal pronoun

The personal pronoun refers to a person.

ik loopjij ziet mij, me
jij, je looptik zie jou, je
hij looptik zie hem
zij, ze looptik zie haar
het looptik zie het
wij, we lopenik zie ons
jullie lopenik zie jullie
zij, ze lopenik zie ze

Attention! Ik geef het hun. Ik geef het aan hen.

Vraag van de Week | Week 47

Ik vind die leestekens een gedoe. Je zet een punt achter een zin en als je in de zin een pauze hoort, is het tijd voor een komma, toch? Welke leestekens gebruik jij?

Naar de taalvraag