nederlands turks duits russisch spaans engels

f/v en s/z


De stam van een werkwoord eindigt nooit op een v of een z. Een v wordt dan een f en een z wordt dan een s. Een werkwoord waarvan de stam eindigt op deze f of s, eindigt in de verleden tijd niet op te(n) maar op de(n).
•   levenik leefik leefde
•   verwaarlozenik verwaarloosik verwaarloosde
 
Een voltooid deelwoord waarvan de stam eindigt op deze f of s, eindigt niet op t maar op d.
•   levenik leefik heb geleefd
•   verwaarlozenik verwaarloosik heb verwaarloosd
 

Wil je f/v en s/z online oefenen? Klik hier.

Test je Nederlands met de Braint Taaltest!.