nederlands turks duits russisch spaans engels

Совершенное время


Совершенное время образуется при помощи причастия и вспомогательного глагола
hebben, zijn of worden. Вспомогательный глагол и есть личная форма глагола.
•   Hij heeft de lege flessen ingeleverd.
•   De wedstrijd is afgelast.
•   Ik heb hem net opgebeld.
•   Mijn buurman wordt nooit ergens voor gevraagd.
•   Mijn fiets is gelukkig weer gevonden.
•   Op zijn zestigste wordt hij gepensioneerd.
Wil je Nederlandse spelling oefenen? Klik hier.

Test je Nederlands met de Braint Taaltest!.