Tautologie |
||
Als je twee keer hetzelfde uitdrukt door middel van twee gelijksoortige woorden, of een zelfstandig naamwoord en een werkwoord, dan gebruik je een tautologie, bijvoorbeeld: | ||
| in staat zijn te kunnen ..., | ||
| ik verzoek u om toestemming dat te mogen doen. | ||
| De vetgedrukte woorden hebben dezelfde betekenis. Sommige tautologieën worden gebruikt als gezegde (en zijn dus geaccepteerd), zoals: | ||
| wikken en wegen, frank en vrij, wis en zeker. | ||
Test je Nederlands met de Braint Taaltest!. | ||





