nederlands turks duits russisch spaans engels

Tweeklanken


Hieronder vind je informatie over de volgende tweeklanken:
ij of ei

Je schrijft ij in

- woorden die eindigen op:

-lijk bijvoorbeeld: begeerlijk
-pij bijvoorbeeld: maatschappij
-nij bijvoorbeeld: razernij
-rij bijvoorbeeld: verwennerij

- sterke werkwoorden (werkwoorden die van klank veranderen in de verleden tijd), bijvoorbeeld:

stijgen (steeg, gestegen)
prijzen (prees, geprezen)

Je schrijft ei in

- woorden die eindigen op:

-heid bijvoorbeeld: waarheid
-lei bijvoorbeeld: velerlei
-teit bijvoorbeeld: kwaliteit
Omdat er verder geen regels voor te geven zijn, zul je soms gewoon het woordenboek moeten gebruiken.
ie, i, y

Je schrijft ie in

- gesloten lettergrepen, als je een ie hoort, bijvoorbeeld: stier
- aan het eind van een woord, bijvoorbeeld: knie
- in open lettergrepen waarop de klemtoon valt, bijvoorbeeld: rivieren
Je schrijft i in

- namen van de maanden januari, februari, juni, juli
- woorden die uit het Latijn afkomstig zijn of een Latijnse meervoudsuitgang hebben, bijvoorbeeld: academici
- bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op -isch, bijvoorbeeld: kritisch
- bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op -ieel, bijvoorbeeld: financieel
Je schrijft y in

- woorden met een Griekse oorsprong, bijvoorbeeld: hypotheek
- Engelse woorden, bijvoorbeeld: baby, hobby
ou of au
Vroeger kon je aan de uitspraak horen of een woord met ou of au geschreven moest worden. Tegenwoordig is dit niet meer zo en je zult dus bij twijfel het woordenboek moeten gebruiken.


Wil je tweeklanken online oefenen? Klik hier.

Test je Nederlands met de Braint Taaltest!.