nederlands turks duits russisch spaans engels

Meervoud


Het meervoud maak je met de uitgangen en, s of 's
•   de hand, de handen
 
Een zelfstandig naamwoord met meer dan 1 lettergreep en dat eindigt op -e, -el, -en, -er,
-em, -ie krijgt in het meervoud s.
•   het katje, de katjes
•   de egel, de egels

Dit geldt ook voor woorden die eindigen op -eau.
•   het bureau, de bureaus
•   het niveau, de niveaus
 
Een zelfstandig naamwoord dat eindigt op -i, -a, -o, -u, -y krijgt in het meervoud 's.
•   de taxi, de taxi's
•   de baby, de baby's
Als er een klinker voor de y staat, schrijf je de s eraan vast, bijvoorbeeld: essays

Soms schrijf je in het meervoud de uitgang -eren
•   het kind, de kinderen
•   het blad, de bladeren
 


Wil je het meervoud online oefenen? Klik hier.

Test je Nederlands met de Braint Taaltest!.