Meervoud |
Het meervoud maak je met de uitgangen en, s of 's |
| de hand, de handen |
| Een zelfstandig naamwoord met meer dan 1 lettergreep en dat eindigt op -e, -el, -en, -er, -em, -ie krijgt in het meervoud s. |
| het katje, de katjes de egel, de egels |
Dit geldt ook voor woorden die eindigen op -eau. |
| het bureau, de bureaus het niveau, de niveaus |
| Een zelfstandig naamwoord dat eindigt op -i, -a, -o, -u, -y krijgt in het meervoud 's. |
| de taxi, de taxi's de baby, de baby's |
| Als er een klinker voor de y staat, schrijf je de s eraan vast, bijvoorbeeld: essays |
Soms schrijf je in het meervoud de uitgang -eren |
| het kind, de kinderen het blad, de bladeren |
Test je Nederlands met de Braint Taaltest!. |





