Persoonsvorm |
Er zijn drie manieren om de persoonsvorm te vinden. |
| 1. Als je de zin vragend maakt, is de persoonsvorm het werkwoord dat op de eerste plaats komt. |
| Piet eet een appel. Eet Piet een appel? |
| 2. Als je de zin in een andere tijd zet, verandert de persoonsvorm. |
| Piet eet een appel. Piet at een appel. |
| 3. Als het onderwerp in het meervoud staat, staat de persoonsvorm dat ook. |
| Piet eet een appel. Jan en Piet eten een appel. |
Test je Nederlands met de Braint Taaltest!. |





